Bibi Gulikers (links op de foto met Hinkelien Schreuder en Inge Dekker) is met haar 24 jaar de jongste assistent trainer-coach van een nationale zwemploeg. Samen met oud-wereldkampioen Marcel Wouda begeleidt ze een ploeg zwemmers bij het Nationaal Zweminstituut Eindhoven (NZE). Ze vertelt over haar werk en doet een voorspelling over de toekomstige topzwemmers van Nederland.
“Ik heb altijd iets met sport gehad. Daarom ben ik een opleiding bij het CIOS gaan volgen. In mijn laatste jaar kon ik stage lopen bij nationaal zweminstituut PSV. Aansluitend ben ik één jaar trainer geweest van de jeugdselectie van PSV.
Door een nieuwe organisatiestructuur kwam er een plek vrij bij de ploeg van Marcel Wouda. Eigenlijk zit ik nu op mijn oude stageplek, alleen dan met veel andere zwemmers.”
“Ik heb veel geluk gehad, maar als ik niet goed zou functioneren had ik hier niet meer gezeten. Ik kan hier veel leren en word daarbij goed begeleid. Ik wil de komende jaren mijn wedstrijdervaring uitbreiden. Bovendien wil ik mijn vaardigheden op het gebied van het maken van planningen verder ontwikkelen. Ik ben erg prestatiegericht; als ik iets doe dan wil ik daar de beste in zijn. Uiteindelijk wil ik een hele goede zwemcoach worden.”
“Als coach moet je feeling hebben voor het analyseren van de sporter die aan het zwemmen is. Je moet de fysieke eigenschappen van de sporter herkennen en kunnen zien wat zijn of haar sterke en zwakke punten zijn. Naast analyseren is leidinggeven erg belangrijk. Op sommige momenten moet je boven de groep staan en overwicht hebben.”
“Sport was vroeger echt een mannendomein, later kwamen daar meer vrouwen bij. Vrouwen moeten zich meer bewijzen dan mannen. Van een man nemen mensen vaak sneller iets aan dan van een vrouw. In de zwemsport zijn er op dit moment niet veel vrouwelijke coaches. Als jonge vrouwelijke coach moest ik eerst het vertrouwen van de sporters winnen. Ik ben nu zover dat de sporters dingen van mij aannemen.”
“De toekomst van het topzwemmen zit vooral in de ontwikkeling in de breedte. Dit wordt bereikt door meer aandacht te schenken aan het regionale zwemmen: er moeten meer investeringen in zwemverenigingen gedaan worden en er zullen meer fulltime zwemcoaches moeten komen.”
“Het is opvallend dat er nu uit een paar gemeenten veel goede zwemmers komen. Dat heeft met opleiding te maken. Als de opleidingen in heel Nederland verbeterd worden, zullen er op termijn meer nationale zwemmers meedraaien op internationaal niveau.”
“Zwemmers die ik veelbelovend vind voor de toekomst? Uit mijn ploeg verwacht ik wel wat van Joeri Verlinden, Arjen van der Meulen, Job Kienhuis of Bryan Mannaert. Daarnaast denk ik dat we nog veel gaan horen van Sharon van Rouwendaal die bij het regionaal trainingscentrum in Eindhoven zwemt, en Bastiaan Lijesen, uit de groep van Jacco Verhaeren.”
(c) Shesports.nl
Reageer
Je bent momenteel niet ingelogd, log in om een reactie achter te laten.